vrijdag, oktober 29, 2010

Wij zijn ons brein

Het antwoord op de vraag wie dan kiest om op te schrijven dat de vrije wil een illusie is - Victor Lamme of zijn brein - wordt behalve door Lamme zelf, beantwoord met de titel van het nieuwe en aan te bevelen boek van hersenonderzoeker Dick Swaab (ook van de Universiteit van Amsterdam): ‘Wij zijn ons brein’. Een dergelijke stelling is goed te begrijpen van een hoogleraar neurobiologie hoewel ik geneigd ben om te zeggen: ‘Wij zijn ons lichaam’. De vraag die dat weer oproept is: ben ik nog ‘ik’ als ‘mijn’ brein of ‘mijn’ lichaam dood is?  Zonder een functionerend brein ervaar ik mijzelf immers niet meer als ‘ik’ en zal mijn ‘ik’ in rook of stof zijn opgegaan.
Als kind was ik gefascineerd door de vraag of ik mezelf nog wel zou zijn als delen van mijn lichaam zouden ontbreken of zouden worden vervangen. Een geamputeerde arm of been leek voor mijn identiteit geen probleem en zelfs organen als een nier of een hart konden worden vervangen door die van een ander zonder dat ze mijn ‘ik’ zouden aantasten. Maar wat als delen van mijn hersenen zouden uitvallen of door die van anderen zouden worden vervangen? Zou ik dan nog altijd ‘mijzelf’ zijn? Op dat punt begon ik te twijfelen.

 Een vriendin van mij kreeg twee kogels in haar hoofd en hoewel ze haar bedrijf heeft moeten opgeven en blijvend arbeidsongeschikt is geraakt, functioneert ze buiten de arbeidsmarkt in het dagelijks leven wonderwel goed. Ze woont zelfstandig en haar persoonlijkheid is niet aangetast. Toch kan het anders gaan. Zo zie ik in mijn eigen familie welk een slopend effect de ziekte van Alzheimer heeft op iemands persoonlijkheid. Heel geleidelijk knaagt deze ziekte aan onze fundamenten van ons mens- (of dier-)zijn. Maar wat zijn die fundamenten dan?

Een treffend voorbeeld is misschien een fragment uit de BBC-documentaire ‘The Mind Machine’ van Colin Blakemore dat wijlen Piet Vroon in 1991 aan het Nederlandse kijkerspubliek  liet zien. Daarin werd een dirigent getoond die als gevolg van een virusinfectie een ernstig hersenletsel had opgelopen in die gebieden die verantwoordelijk zijn voor de opslag van recente informatie. Elke nieuwe gebeurtenis werd niet meer als geschiedenis in zijn geheugen opgeslagen. Telkens als zijn geliefde vertrok, was hij weer volledig vergeten dat zij was geweest. Hoewel ze dagelijks bij hem op bezoek kwam, dacht hij telkens dat zij jaren niet was geweest. Hij voelde zich vreselijk alleen en verlaten. Het was hartverscheurend om te zien. Het enige blije moment ervoer hij als hij piano speelde. Zijn muzikale gaven bleken onaangetast. Het is door hersenonderzoekers al vaak gezegd: er is niet één gebiedje waar een ziel (de ervaring van het ik) zetelt: het is het samenspel, het orkest van al die gebiedjes in ons brein die ‘kiezen’. En inderdaad: soms wedijveren die hersengebiedjes dan met elkaar, ‘kiest’ niemand maar wint simpelweg de sterkste impuls. Spinoza wist het al:

Er blijkt uit dit alles, dat wij op tal van wijzen door uitwendige oorzaken worden bewogen en dat wij als golven van de zee, door tegengestelde winden voortgezweept, ronddobberen, onwetend omtrent de afloop en ons noodlot’ (Opmerking bij Stelling 59, Deel 3 van de Ethica).

Op Wikipedia zijn de verschillende opvattingen over de kwestie van de vrije wil overigens aardig samengevat. Zie ook 'Vrije wil'.